Maakt de nieuwe generatie komaf met bezit?

Maakt de nieuwe generatie komaf met bezit?

De waardeketen staat onder druk, zo schreef ik in mijn vorige blogpost. Daarbij gaat de jeugd zich ook afzetten tegen de oudere generaties. Creativiteit zou de oplossing vormen, besloot ik, en daar blinken jongeren vandaag al in uit. Zij zorgen voor een radicale nieuwe economie.

Nieuwe consumenten zetten de toon

In een wereld waar zich demografische (aard)verschuivingen voordoen, waar het internet de maatschappij op zijn grondvesten heeft doen daveren en waar globalisering geen evolutie maar een feit is geworden, staat de waardenketen zoals we die al decennialang kennen langs alle kanten onder druk. Het systeem moet zich gaan aanpassen aan de nieuwe realiteit.


Voorbeelden daarvan zijn al volop te vinden bij zij die niet bij bang zijn van verandering, bij zij die er geen baat bij hebben om vast te houden aan wat was en niks te verliezen hebben: opkomende markten en opkomende generaties. Het is bij hen dat de nieuwe ontwikkelingen zich voordoen.


Chinese shoppers verkopen zelf

Zo zien we in China een nieuw fenomeen opduiken: het grootste deel van de online retailomzet wordt er niet gerealiseerd door retailers, maar door de consument zelf. Het gaat dan over directe consumer-to-consumerverkoop, maar ook over zogeheten ‘daigou’. Dit zijn consumenten die in hun vrije tijd heen- en weervliegen naar bijvoorbeeld Europese topsteden op zoek naar dure merken. Zij kopen deze koopwaar echter niet voor zichzelf, maar zetten de gekochte spullen meteen te koop via bijvoorbeeld de platformen van Alibaba of via socialemediakanalen als WeChat of Weibu.


Volgens het China E-commerce Research Center waren ze in 2013 goed voor een omzet van 12 miljard dollar. De consultants van Bain & Co berekenden zelfs dat Chinese consumenten quasi één derde van alle wereldwijde aankopen van luxegoederen voor hun rekening nemen. Vandaar dus die rijen Aziatische toeristen aan de ingang van winkels als Hermès, Prada, Chanel of Delvaux.


Sommigen noemen hen smokkelaars, maar hoe je het ook draait of keert: de consument wordt zo in ieder geval concurrent. En dat is trouwens niet enkel een Aziatisch fenomeen, het is ook iets waaraan we zelf actief deelnemen.


Jongeren zijn weer ‘makers’

Het lijkt misschien wat vreemd, aangezien je ze nog maar zelden hoort en nog minder vaak ziet opkijken van één van hun vele schermen, maar jongeren zijn nog zo’n vernieuwende groep op deze aardbol. Ze bewegen zich in hun eigen netwerken, met hun smartphone als extra lichaamsdeel. Toch spoken ze behoorlijk wat uit, onder meer dankzij dat extra ledemaat.


Jonge mensen worden mede dankzij de nieuwe realiteit gestimuleerd om zelf weer dingen te maken. Zo ontdekken ze ‘craftmanship’ gecombineerd met de nieuwste technologieën, en op die manier ontstaan nieuwe opportuniteiten. Het is een soort doe-het-zelfcultuur die zich in diverse soorten vormen ontwikkelt: van 3D-printing tot pakweg traditioneel houtsnijwerk. Blogs, Youtube en gespecialiseerde ‘communities’ zorgen ervoor dat gelijkgezinden elkaar kunnen vinden, en dit over de gehele wereld.


De volgende stap is dan bijna vanzelfsprekend samenwerken, het verbinden van gelijkgestemden die voor een gezamenlijk doel gaan. Jongeren kunnen dit veel makkelijker. Ze worden als het ware verplicht om gezamenlijk dingen aan te pakken, vermits de wereld zo snel verandert dat we het niet meer alleen kunnen.

 

Alle mogelijke culturen of demografische groepen spreken bovendien toch al dezelfde taal, een taal die grenzen doorbreekt: de taal van de sociale media. Internet is een plek geworden die jongeren wereldwijd bij elkaar brengt, waardoor het nog makkelijker is geworden om projecten te realiseren en direct een internationaal draagvlak te creëren.


Een sprekend voorbeeld is wat fans van de bouwblokjes van Lego doen via Lugnet, het ‘International LEGO Users Group Network’, oftewel een online community die Lego-fans wereldwijd verzamelt via fora, websites en  zo meer.


Jongeren willen geen bezit, ze willen toegang

Er wordt veel gesproken over de jongeren van vandaag en hoe moeilijk ze het zullen hebben in de toekomst. De vorige paar generaties kenden tijden van economische bloei en groeiende welvaart. Het is pas sinds kort dat onze Westerse economie is beginnen vertragen en dat welvaart geen zekerheid meer is. En hoewel er zeer veel over onze traditionele economie gesproken wordt, liggen veel jongeren hier eigenlijk niet echt wakker van.


De nieuwe generaties zijn de eerste die echt opgroeiden in de wereld van het internet, en door geconfronteerd te worden met de moeilijke huidige omstandigheden een volledige nieuwe kijk hebben ontwikkeld op onze traditionele economieën. Het zijn de ‘millenials’ die het ware potentieel van het internet ontdekten en het zijn diezelfde millenials die een geheel nieuwe economie creëerden. Een economie die door de traditionele bedrijven ‘disruptief’ genoemd wordt en met alle mogelijke middelen moet bestreden worden.

 

Het basisidee daarachter? Terwijl bezit lang het summum is geweest voor de mens, is dit voor generatie Y en Z volledig achterhaald. Ze willen een item niet bezitten, ze willen er enkel toegang toe hebben en de mogelijkheid hebben om het te gebruiken – waar, wanneer en hoe zij het willen. Daar rond hebben ze verschillende nieuwe bedrijven opgericht, technologieën ontwikkeld en wereldmerken uitgebouwd. Het is de eerste generatie die durft ingaan op alles wat de vorige generaties als ‘normaal’ beschouwen.


Denk aan al die traditionele sectoren als banken, hotels, restaurants, wagens, taxi’s en zo meer. Vandaag staan daar peer2peer-initiatieven tegenover, zoals The Lending Club, AirBnB, EatWith, Bla Bla Car en Uber. Het zijn jongeren; mensen die oude, vastgeroeste industrieën frontaal durven aanvallen met nieuwe en frisse ideeën. Ideeën die niet langer draaien rond het creëren van welvaart voor aandeelhouders, maar rond nieuwe welvaart en service voor de gebruikers en consumenten.


Van B2C naar Peer2Peer

Internet heeft op zeer korte tijd een zeer prominente rol ingenomen in ons dagdagelijks leven. Als hoogtepunt zien we nu de opkomst van het 4G-netwerk, dat als een katalysator zal werken voor de volledige ‘digitale transformatie’ van ons leven. Zo goed als elk aspect van onze dagelijkse gewoonten zal het netwerk en een snel groeiend aantal data-genererende producten gaan gebruiken.


Dat hoeft echter niet negatief te zijn voor de consument. Dankzij het internet staat die consument sterker dan ooit tevoren, en doordat het internet miljoenen mensen dichter bij elkaar heeft gebracht, zien we nu ook iets zeer revolutionair ontstaan in de retail. De concurrentie komt niet langer enkel van andere winkels, merken of kanalen; concurrentie komt meer en meer van de consumenten zelf.


We zijn ons veel bewuster van de waarde van producten en gaan op zoek naar de beste prijs-kwaliteitverhoudingen. Daarnaast kunnen we via het internet ook veel gemakkelijker met gelijkgezinden samenkomen en samen initiatieven starten. De eerste projecten die we zo zagen ontstaan in België waren de groepsaankopen voor gas en elektriciteit en later ook voor telefonie. Die bijeenkomst van consumenten werd weliswaar geleid door een vereniging, maar toonde wel de kracht van het internet om mensen bij elkaar te brengen voor een aankoop.


De ‘sharing economy’

De echte disruptie werd gestuwd door ondernemende ‘techies’ die wereldwijde marktplaatsen lanceerden waarop consumenten zelf hun producten en koopwaar kunnen tonen en verkopen. De eerste golf van dergelijke peer2peer-concepten waren spelers, als eBay, marktplaats.be en Kapaza of Hebbes. Een tweede golf waren de meer gespecialiseerde marktplaatsen, zoals Immoweb, Vroom en Autozone.

 

Dit zijn plekken waar mensen voor het eerst de ‘sharing economy’ meemaakten en waar ze hun eerste stapjes zetten in een nieuwe economische realiteit, die van de C2C. Niet dat dit iets nieuws is (denk maar aan rommelmarkten in dorpen), maar het is nog nooit zo eenvoudig geweest om zoveel mensen te bereiken.


Vandaag gaan we nog een stap verder en zien we dat innoverende C2C-platformen als echte bedreigingen beschouwd worden door klassieke industrieën en bedrijven. Het meest actuele voorbeeld in België is het Amerikaanse Uber dat de hele taxiwereld tegen zich in het harnas heeft gejaagd met de lancering in ons land. De harde realiteit is wel dat Uber door investeerders een waardering van 18 miljard dollar heeft gekregen en dat dit lang niet het enige voorbeeld is van populaire P2P- of C2C-platformen.


Een leuk voorbeeld dichtbij huis? Kijk eens naar het nieuwste fenomeen Thuisafgehaald.be, een site waar mensen de maaltijden die ze maken aanbieden aan anderen in de buurt aan democratische prijzen. Op die manier kunnen ze hun liefde voor het koken bedrijven en tegelijkertijd hun overschotjes laten renderen in plaats van ze weg te gooien.

 

Of over niet weggooien gesproken: op Facebook kennen de Freecycle-groepen, lokale groepen waar mensen gratis spullen kunnen weggeven of ruilen, een enorm succes. Het kan tegenwoordig zelfs al op wereldwijde schaal met apps als die van Yerdle.com. Jonge mensen stellen met andere woorden niet alleen hun expertise maar ook hun hele hebben en houden ter beschikking om samen iets te creëren.


Enkele voorbeelden van klassieke vs. nieuwe economieën:

  • Banking: KBC, Fortis, BNP PARIBAS, ING, … vs. Kiva, the LendingClub
  • Hotel: Hilton, Ibis, Mercure, Best Western vs. AirBnB, Couchsurfing, OneFinestay
  • Restaurant: Pizzahut, Quick, … vs. Thuisafgehaald, Eatwith, Kitchensurfing
  • Retail: H&M, Zara, WE, … vs. Etsy, Rent the Runway, Yerdle
  • Transport: De Lijn, NMBS, Europecar, … vs. Uber, Lyft, Sidecar, Bla Bla Car, Zipcar
  • Angel investors: Banken en investeerders vs. Kickstarter, Angellist, CircleUp, …
Heeft u vragen of opmerkingen? Neem dan gerust contact op met de redactie​

5 jaar geleden begonnen vanop mijn keukentafel, vandaag hopen wij een helpende hand te kunnen aanreiken in een radicaal veranderende sector. Als retailer moet je je vandaag op drie cruciale zaken kunnen concentreren : slim gebruik van omnichannel, beleving voor de klant en je relatie met die klant. De bewegingen op de markt gaan echter zodanig snel dat het voor onze klant , de lezer haast onbegonnen werk is om op zijn eentje door de bomen het bos nog te zien.

Back to top