Vijf jaar na ramp Rana Plaza: “Overheden moeten duurzame productie eisen” | RetailDetail

Vijf jaar na ramp Rana Plaza: “Overheden moeten duurzame productie eisen”

Vijf jaar na ramp Rana Plaza: “Overheden moeten duurzame productie eisen”
Foto: Sk Hasan Ali / Shutterstock.com

Vijf jaar na de instorting van de kledingfabriek Rana Plaza in Bangladesh hebben verschillende overheden maatregelen genomen om producenten tot meer duurzaamheid te verplichten. De arbeidsomstandigheden zijn er echter niet voor iedereen op verbeterd.

 

Overheid moet duurzame productie meer afdwingen

Het is niet alleen aan de consument maar vooral aan de overheid om duurzame productie te eisen, meent Huib Huyse, onderzoeker bij het Onderzoeksinstituut voor Arbeid en Samenleving (HIVA) van de KULeuven. In een nieuwe studie analyseert hij hoe verschillende landen multinationals aanzetten om hun productieketen op te schonen.

 

In Nederland en Duitsland brengt de overheid bedrijven en middenveldorganisaties in verschillende nieuwe initiatieven bij elkaar en zijn er ook bindende maatregelen. In Frankrijk is er dan weer een wet gestemd die de 200 grootste Franse bedrijven verplicht om niet alleen risico’s in hun productieketen te identificeren maar daar ook actief maatregelen tegen te nemen. Zo niet, hangen er hoge boetes boven hun hoofd.

 

Voor consument moeilijk in te schatten

Dat is goed, vindt de onderzoeker, want voor de consument is het vaak moeilijk te weten wat wel en niet duurzaam wordt geproduceerd. De Belgische politiek krijgt daarentegen slechte punten: die zou multinationals meer moeten dwingen om hun productieketen duurzaam te maken. “Multinationals die via goedkope arbeid kleren maken, hoeven in België geen sancties te vrezen”, aldus Huyse in De Standaard.

 

Huyse beveelt onder andere aan dat overheden meer gebruik kunnen maken van bestaande arbeidsclausules en handelsverdragen over verantwoord ondernemen, die ze dan ook als voorwaarde moeten stellen voor publieke aanbestedingen en investeringen. Bestaande initiatieven op het niveau van de Verenigde Naties en de Europese Unie kunnen alvast de weg wijzen.

 

24 april 2013: 1.134 doden en 2.000 gewonden

Het studierapport komt er naar aanleiding van de instorting van het Rana Plaza-complex in Bangladesh, vandaag precies vijf jaar geleden. Een acht verdiepingen hoog fabrieksgebouw stortte toen in, waarbij 1.134 mensen het leven lieten en meer dan 2.000 mensen gekwetst raakten. De slachtoffers waren vooral naaisters en andere textielarbeiders, die er in onveilige en overvolle fabriekjes kleren maakten voor grote internationale modemerken, waaronder H&M, Primark en C&A.

 

Na de tragedie zijn internationale akkoorden en samenwerkingsverbanden gesloten om de arbeidsomstandigheden in de textielindustrie te verbeteren, waaronder het ‘Accord on Fire and Building Safety in Bangladesh’: meer dan 200 internationale modebedrijven ondertekenden dit past om de veiligheid in de fabrieken te verbeteren.

 

Ondertussen zijn 90% van de werkplaatsen structureel herzien, met versterking van de fundamenten en extra steunpunten, om nieuwe instortingen te vermijden, aldus een ander initiatief genaamd ‘Alliance for Bangladesh Worker Safety’. Bijna alle fabrieken die bij de alliantie aangesloten zijn hebben inmiddels ook hun elektriciteitsinfrastructuur vernieuwd en brandwerende deuren geïnstalleerd. 

 

Loon- en arbeidsvoorwaarden weinig verbeterd

Op het gebied van verloning is de situatie echter weinig verbeterd, blijkt uit een recent Amerikaans rapport van Global Workers’ Rights. De minimumlonen zijn weliswaar fors verhoogd (de overheid van Bangladesh trok het minimumloon met 77% op naar zowat 55 euro per maand), maar die stijging vangt de sterke inflatie in het land nog niet eens op. Een leefbaar loon zou in Bangladesh tussen de 177 en 214 dollar (145 tot 175 euro) moeten liggen, afhankelijk van de regio, berekende de Global Living Wage Coalition in 2016.

 

De verhoogde minimumlonen en verbeterde veiligheidsmaatregelen maken ook geen verschil voor de vele textielarbeiders die onder de legale barema’s worden betaald en die – zoals steeds vaker het geval blijkt – tegen minimale stukprijzen thuiswerken voor onderaannemers van grote modeketens. Bovendien moeten arbeiders in de fabrieken nog steeds veel overuren presteren en blijft de werkdruk erg hoog, aldus nog het Global Workers’ Rights-rapport.

Heeft u vragen of opmerkingen? Neem dan gerust contact op met de redactie​


Gerelateerde items

Ex-medewerksters beschuldigen Nike van discriminatie

14/08/2018

Enkele Amerikaanse ex-werknemers van Nike hebben een rechtszaak aangespannen tegen het sportmerk. De vrouwen zouden minder loon hebben gekregen dan mannelijke collega’s en ongepast gedrag moeten ondergaan.

McGregor wint rechtszaak van Reebok

13/08/2018

Modemerk McGregor heeft verkregen dat Reebok de naam van vechtsporter Conor McGregor niet meer mag gebruiken. De naam is een inbreuk op het merkrecht, ook al bestaat McGregor momenteel niet: het label ging al twee jaar op rij failliet.

Omzet modegroep WE blijft teruglopen

10/08/2018

Modegroep WE International blijft omzet verliezen: de verkoopcijfers liepen vorig jaar met 2,8% terug naar 275,8 miljoen euro. Ook de operationele winst gaat erop achteruit, al blijft de nettowinst stabiel.

Sports Direct koopt failliete warenhuisketen House of Fraser

10/08/2018

Mike Ashley, de eigenaar van Sports Direct, koopt de Britse warenhuisketen House of Fraser voor zo’n 100 miljoen euro. De overname komt er luttele uren nadat de 169-jarige keten het faillissement aanvroeg.

Adidas scoort dankzij WK voetbal

09/08/2018

Het Duitse sportmodemerk Adidas heeft een topkwartaal achter de rug, met dank aan het voorbije WK voetbal. De totale omzet steeg 4% tot 5,26 miljard euro. liefst 3,2 miljard daarvan haalde Adidas uit de verkoop van sportschoenen.

Lidl stelt auto’s ter beschikking van shoppers

08/08/2018

“Je eigen wagen voor inkopen”, zo stelt Lidl zijn nieuwe autodeeldienst voor. In samenwerking met Mazda kan je in Duitsland weldra autodelen vanop de parking van Lidl-supermarkten.