Europees parlement keurt richtlijn oneerlijke handelspraktijken goed

Met een grote meerderheid hebben de Europese parlementsleden dinsdag een nieuwe richtlijn goedgekeurd die landbouwers en kleine ondernemingen wil beschermen tegen oneerlijke praktijken door hun – doorgaans veel grotere – handelspartners.

 

Verboden praktijken

In essentie beoogt de richtlijn om elke vorm van machtsmisbruik van grote retailers tegenover kleine leveranciers uit te sluiten. Laattijdige betalingen voor geleverde producten, late eenzijdige annuleringen, retroactieve wijzigingen in de bestelling, weigering om een schriftelijk contract te ondertekenen, misbruik van vertrouwelijke informatie…: het zijn stuk voor stuk praktijken die voortaan expliciet verboden worden. Retailers mogen hun leveranciers niet langer vergelden voor het indienen van klachten, bijvoorbeeld door producten uit de rekken te halen of betalingen uit te stellen.

 

Andere praktijken worden verboden tenzij ze contractueel werden overeengekomen: het retourneren van onverkochte producten zonder ze te betalen, leveranciers dwingen om te betalen voor reclame, listing fees aanrekenen of de kosten van promoties doorrekenen. De nieuwe regels beschermen leveranciers met een omzet van minder dan 350 miljoen euro. Zij worden opgedeeld in vijf categorieën (met omzetten van minder dan 2 miljoen, 10 miljoen, 50 miljoen, 100 miljoen en 350 miljoen euro) waarbij de kleinste bedrijven van de meest uitgebreide beschermingsmaatregelen genieten.

 

De richtlijn is omstreden: volgens retailers schiet de maatregel zijn doel voorbij. De omzetgrens van 350 miljoen euro heeft tot gevolg dat in kleinere lidstaten ook multinationals onder de beschermingsregels kunnen vallen. De Europese consumentenorganisatie BEUC wees eerder al op het risico dat consumenten hogere prijzen zullen betalen en minder keus zouden hebben. Overigens worden de maatregelen nog niet meteen van kracht: eerst moet de richtlijn formeel worden goedgekeurd door de Europese ministerraad, vervolgens krijgen lidstaten 24 maanden de tijd om de nationale wetgeving aan te passen. Uiterlijk na 30 maanden, dus in de herfst van 2021, moeten de nieuwe regels in voege treden.