Ter Beke vraagt leveranciers financiële bijdrage na paardenvleesschandaal

Ter Beke vraagt leveranciers financiële bijdrage na paardenvleesschandaal

Door het paardenvleesschandaal is de verkoop van bereide gerechten zwaar teruggelopen. Daardoor ziet het Belgische Ter Beke zich verplicht meer te investeren in marketing en promoties om de verkoop weer te aanzwengelen. De voedingsgroep vindt het dan ook maar logisch dat leveranciers hun steentje bijdragen en gaat hen daarom tijdelijk 2% minder betalen.

Leveranciers en producent "in hetzelfde schuitje"

"We zullen de impact van het paardenvleesschandaal op 8 mei toelichten, samen met onze kwartaalcijfers. Maar wat we nu doen, is proberen om, samen met onze leveranciers, de gevolgen ervan achter ons te laten. We ondernemen samen actie, zodat we kunnen blijven produceren", zegt Dirk De Backer, secretaris-generaal van Ter Beke, in De Tijd. "We zitten in hetzelfde schuitje. Het is een tijdelijke maatregel, die past in een geheel van acties."

 

De besparing van twee procent treft alle leveranciers, van de kruiden over het vlees tot de verpakkingen. De groep zag zich door de vleescrisis al verplicht economische werkloosheid in te roepen in zijn Waalse productievestigingen in Wanze en Marche-en-Famenne.

 

Ter Beke nochtans geen betrokken partij

Niet alleen lasagne, maar ook andere bereide gerechten en zelfs salami lijden onder het schandaal, aldus nog het bedrijf. Nochtans was Ter Beke niet rechtstreeks betrokken bij het schandaal en hebben Europese DNA-tests intussen uitgewezen dat er in ons land zelfs geen sporen van paardenvlees werden gevonden in voedingsproducten waar dat vlees niet thuis hoort.

 

Niettemin zou Aldi Duitsland, een belangrijke klant van Ter Beke, begin dit jaar al zijn bestellingen van lasagne geannuleerd hebben, zo schrijft de zakenkrant. Volgens de vakbonden neemt de economische werkloosheid bij Ter Beke trouwens "beetje bij beetje opnieuw normale proporties" aan.

 

Spanghero failliet

Intussen is de Franse vleesverwerker Spanghero, die wel een centrale rol speelde in het schandaal dat heel Europa op zijn grondvesten deed daveren, eind vorige week failliet verklaard: 160 van de 240 medewerkers in de vestiging van Castelnaudary (Aube) verliezen volgende week hun baan.

 

De 80 resterende arbeiders blijven nog drie tot hooguit zes maanden aan de slag, tijd die de curatoren gekregen hebben om samen met de eigenaar op zoek te gaan naar een eventuele overnemer. Al beseffen zowel de curatoren als de Franse minister van Landbouw dat dit geen sinecure wordt.

Tags: