Drama Bangladesh zwengelt discussie werkomstandigheden weer aan

Drama Bangladesh zwengelt discussie werkomstandigheden weer aan

De instorting van een textielfabriek in het Bengaalse Savar, waarbij al 381 mensen het leven lieten, zwengelt de discussie over de lokale werkvoorwaarden opnieuw aan. Onder meer de Britse keten Primark betrok er een deel van haar kleding.

Illegale verdiepingen kosten honderden mensenlevens

Intussen zijn al 381 lichamen geborgen en meer dan 2.500 mensen raakten gewond, terwijl het onduidelijk is hoeveel vermisten er zijn. Officieel werkten er 3.122 mensen, maar vermoed wordt dat er meer aanwezig waren. Zondagavond ontstond nog een brand toen reddingswerkers probeerden een werkneemster van onder het puin te halen.

 

Er werden ook al zeven mensen aangehouden: de eigenaar van het gebouw en diens echtgenote, de drie eigenaars van de textielfabriekjes die er waren gevestigd en twee ingenieurs. Het pand van acht verdiepingen was illegaal opgetrokken. De eigenaar werd opgepakt toen hij het land probeerde te ontvluchten.

 

Derde textielgrootmacht ter wereld

De toelevering aan de textielindustrie is goed voor 77 procent van de export van het straatarme Bangladesh. Na China en Italië heeft Bangladesh de grootste textielindustrie ter wereld. Het is een van de grootste uitvoerders van kleding naar de Verenigde Staten en Europa. Savar ligt op 45 km van de hoofdstad Dhaka. Het ligt volop in het hart van de textielindustrie van het land.

 

Het minimumloon ligt er op 29 euro per maand, al gaan heel wat bedrijven daar nog onder. Bovendien zijn de werkomstandigheden er vaak ondermaats: dodelijke slachtoffers komen geregeld voor. Vijf maanden geleden kostte een bedrijfsbrand in een voorstad van Dakha nog aan 112 mensen het leven.

 

Het Ierse Primark gaf al toe dat de ingestorte fabriek in Rana Plaza in Savar werd ingeschakeld in zijn bevoorradingsketting. Andere retailers proberen uit beeld te blijven, al werden ook van het Spaanse Mango al labels gevonden in het puin. C&A had dan weer banden met de fabriek, maar zette die samenwerking onlangs stop.

 

"Onveiligheid structureel en schrijnend"

Intussen dringen beleidsvoerders er weer op aan dat de bedrijven zich naar de OESO-richtlijnen zouden schikken. "De onveiligheid in textielfabrieken in Bangladesh is structureel en zeer schrijnend", zei de Nederlandse minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Lilianne Ploumen.

 

"Sinds 2006 zijn al meer dan 800 arbeiders in de textielindustrie in Bangladesh omgekomen. We mogen niet accepteren dat textielarbeiders enorme veiligheidsrisico's moeten lopen om voor ons spijkerbroeken en T-shirts te maken", waarschuwt ze.

Tags: